Steun de Vogelopvang

Poll

Hoe bent u op onze site terechtgekomen?





Uggle & Snuggle

Uggle & SnuggleElk jaar krijgt u van ons een overzicht van de gebeurtenissen in het hoogseizoen. Dat wijkt eigenlijk niet veel af van het jaar daarvoor, met hier en daar een uitzondering. Ook zijn er elk jaar wel ‘speciale’ gasten en ook weer in 2008.


Deze keer het verhaal van ‘Uggle &  Snuggle’ die dankzij oplettende voorbijgangers bij de Vogelopvang terecht kwamen, via de Dierenambulance. U wordt vast nieuwsgierig, want hoe kom je op zulke namen en kunnen ze echt zo bijzonder zijn? Elke vogel is op zijn eigen wijze uniek. Deze twee werden voor ons speciaal, en wel door de intensieve verzorging die ze nodig hadden, dankzij hun leeftijd: net twee dagen oud toen ze werden gebracht.
Uggle en Kip: klik voor een groter formaat Uggle: klik voor een groter formaat

Jonge haviken waren het volgens de Dierenambulance en volgens de vinders. Het is altijd moeilijk determineren als vogels zó jong zijn, maar ze hadden wel erg kleine pootjes en bekjes. Maakte niet uit, voorlopig waren het haviken. Hoewel ook zij jonge vogels waren die door ons moesten worden gevoerd, was het toch weer anders dan de meesjes, mereltjes en kauwtjes. Het voer moet in stukjes worden gesneden en aangeboden, en dat meerdere malen per dag. Het kost wat overtuigingskracht om ze ervan te overtuigen dat ze het écht kunnen eten, maar als het kwartje valt! Gigantisch wat zo’n klein wurm eet op een dag, maar ja, ze moeten dan ook snel groeien. Vogels hebben een eigen karakter en manier van doen. Zo ook deze twee: de een groter en wat slimmer en de ander klein en wat trager. Zonder er over na te denken werd er dan ook spontaan gesproken over ‘Uggle en Snuggle’.

Na enkele weken, toen het verenpakket groeide en kleur kreeg, werd toch wel duidelijk dat het niet om haviken ging maar om torenvalken; dat kon ook niet anders bij dit formaat. De puberleeftijd kwam, het stel ging op pad en oefende met de handdoek alsof het een prooi was. We hebben speelgoedmuisjes gekocht en daar werd dankbaar gebruik van gemaakt. Uren kun je kijken naar dat jonge spul: de manier van prooi vangen, het ontwaken uit een slaapje met rek- en strekoefeningen en de oplettendheid bij alles wat er om hen heen gebeurt.
Snuggle: klik voor een groter formaatSnuggle: klik voor een groter formaatUggle: klik voor een groter formaat

Volop in de veren en al druk met vlieglessen mochten ze overdag naar buiten, rond de Vogelopvang. En zoals het kinderen betaamt meldden ze zich weer keurig als ze uitgespeeld waren. U zult denken: ‘Vlogen ze niet weg?’ Nee, ze bleven keurig in de buurt. De kleine ‘Uggle’ had een vleugel die niet 100% was, maar na een bezoek aan de dierenarts bleek dat er geen breuk zat en dat het een kwestie van tijd was voordat de vleugel weer in orde zou zijn. De frustratie van ‘Uggle’ was enorm bij de vliegoefeningen – waarin ze niet omhoog kwam. Echt kwáád, en dat werd afgereageerd op takjes en blaadjes. ‘Snuggle’ kreeg het vliegen al aardig onder de knie en zo was hij op een gegeven moment weg, de vrijheid tegemoet. Op een of andere manier wist ik dat hij terug zou komen na zijn avontuur. En jawel, twee dagen later, in de stromende regen: een hoop gepiep boven op het balkon. Dankbaar kwam hij op mijn hand zitten en pakte het eten. ‘Uggle’ begon het vliegen ook aardig te beheersen en ook zij ging het avontuur tegemoet. Door al dat geklaag over dingen niet te kunnen, vergezeld van een gigantisch gepiep, kreeg ze de bijnaam ‘piepmiep’. Ze kwam alweer dezelfde dag terug en na haar maaltijd volgde een hele lange slaapsessie in de Vogelopvang. ‘Komt dat nou wel goed met die twee?’, denkt u waarschijnlijk. ‘Blijven ze niet tam en gewend aan de mensen?’ Een terechte vraag. Ze zijn nu 3½ maand oud en komen nog steeds terug – met langere tussenpozen. 

Ook worden ze eenkennig en nemen alleen nog voedsel aan van de beheerster. Voor vreemden vliegen ze weg en het zijn al echte torenvalken geworden; geen juvenielenvet meer. Als ze helemaal voor zichzelf kunnen zorgen zullen ze langer wegblijven en op een gegeven moment niet meer terugkomen. Tachtig procent van de jonge torenvalken redt het eerste jaar niet. Als wij deze twee nog kunnen ondersteunen door extra voedsel te geven, dan doen we dat.

Het was voor ons allemaal spannend met de valkjes en we houden u verder op de hoogte, ook van de ‘Uggle en Snuggle’-avonturen.

Vriendelijke groet,

Lucia Heijselaar, beheerster

Laatste 5 nieuwsartikelen